Kennis
Waarom niet elke kabel een CPR-klasse heeft
Welke kabels buiten EN 50575 vallen, waarom dat iets anders is dan Fca, en wat u terugmeldt als de specificatie een klasse eist voor een type dat er geen heeft.
Niet elke kabel heeft een CPR-klasse. EN 50575 gaat over kabels die vast in een bouwwerk worden geïnstalleerd; flexibele aansluitkabel, machinebekabeling en offshorekabel volgens NEK 606 vallen erbuiten en krijgen dus geen klasse, ook geen Fca, want dat is een klasse binnen het systeem. Bij ruim een kwart van de types op deze site staat daarom geen klasse. Eist een specificatie er toch een, dan lost een ander merk dat niet op.
Twee vragen lopen in specificaties door elkaar. De eerste: heeft deze kabel een CPR-klasse? Dat hangt af van de kabel. De tweede: welke klasse eist dit project? Dat hangt af van de plek waar de kabel komt te liggen. Wie ze uit elkaar houdt, loopt niet vast op een eis die voor dat type helemaal niet bestaat.
De CPR en de kabelnorm EN 50575 gaan over kabels die vást in een bouwwerk worden geïnstalleerd: bekabeling die u er niet uit haalt zonder bouwkundige ingreep. Bekabeling ín een machine valt erbuiten, en een flexibele aansluitkabel met een stekker of een klem is geen bouwproduct. Onze datasheet van de H07BQ-F zegt het met zoveel woorden: buiten de reikwijdte van EN 50575 (flexibele aansluitkabel).
Geen klasse is iets anders dan Fca. Fca is een klasse binnen het systeem: de kabel valt onder de CPR, maar er is geen prestatie vastgesteld of hij haalt de eis van Eca niet. Een kabel die buiten de reikwijdte valt, krijgt helemaal geen klasse, en ook geen prestatieverklaring onder EN 50575. Wie "minimaal Fca" in een specificatie zet om iets toe te laten, vraagt dus nog steeds om een kabel die onder de CPR valt.
Bij ruim een kwart van de types op deze site staat daarom geen klasse. Het grootste deel is de flexibele groep in industrie en rubber: H05VV-F, H03VV-F, H07RN-F en H05Z1Z1-F. Daarnaast de tien offshore-types volgens NEK 606, zoals RFOU, BFOU, RU en BU, de Britse BS 6883 en de vier Type P-kabels volgens IEEE 1580: een platform of schip is geen bouwwerk, en die kabels worden klassegekeurd door Lloyd’s, ABS of DNV. En twee glasvezelbuitenkabels met PE-mantel; voor een binnentracé met een CPR-eis neemt u een LSZH-kabel.
De plek bepaalt vervolgens de eis. Artikel 4.45a van het Bbl geldt waar de kabel aan binnen- of buitenlucht grenst; ligt hij ingestort in beton of ingegraven, dan geldt er geen klasse-eis. Een buitenkabel die het gebouw in komt, valt binnen wél onder de eis zodra hij aan de lucht ligt. Dat is precies het grensgeval bij glasvezel: buiten in de mantelbuis geen eis, vanaf de invoer wel.
Staat er bij ons geen klasse en noemt de datasheet er ook geen, dan heeft de fabrikant er geen opgegeven. Wij vullen dat niet zelf in. Voor een paar instrumentatie- en stuurstroomtypes, zoals LiHCH en LiHCH-TP, is dat nu het geval: hun datasheet zegt alleen dat ze als aansluitkabel voor verplaatsbare apparatuur buiten EN 50575 vallen. Vraagt uw project om de klasse, meld dat dan bij de aanvraag. Wij zoeken het voor u uit.
Voor de inkoper: eist de specificatie een CPR-klasse voor een type dat er geen heeft, dan lost een ander merk dat niet op. Meld terug om welk type het gaat en waarom de eis daar niet geldt: flexibele aansluitkabel, machinebekabeling, offshore of ingegraven. Laat de opsteller de eis daarna aanpassen. Dat scheelt een ronde offertes op een eis die niemand kan leveren.
Staat er een CPR-klasse in het bestek bij een kabel die er geen heeft? Stuur die bestekregel met het type. Wij zoeken uit of de eis op die plek geldt en welk type er dan wel bij past.
H07BQ-F
Soepele EPR/PUR-rubberkabel, koper klasse 5, 90 °C
Levertijd: Op aanvraag; de levertijd staat in de offerte.
H05BQ-F
PUR-gemantelde rubberkabel, 300/500 V
Levertijd: Op aanvraag; de levertijd staat in de offerte.
RFOU 0,6/1 kV
NEK 606 offshore-energiekabel, halogeenvrij, omvlochten
Levertijd: Op aanvraag; de levertijd staat in de offerte.