Kennis
Singlemode of multimode: OS2 en OM4
Waarom vrijwel alles singlemode is, wanneer multimode goedkoper uitpakt en wat de afstand ermee te maken heeft.
OS2 singlemode heeft een kern van 9 µm en één lichtpad; OM4 multimode heeft 50 µm en meerdere, waardoor de puls over afstand uitloopt. OM4 haalt 150 m bij 40GBASE-SR4 en 100 m bij 100GBASE-SR4; OS2 loopt tot kilometers. Multimode loont alleen bij korte links in één zaal, omdat de transceivers goedkoper zijn. Vier van onze vijf glasvezeltypes zijn OS2; de tight-buffered binnenkabel is er in OS2 en OM4.
Het verschil tussen singlemode en multimode zit in de kern van de vezel. OS2 singlemode heeft een kern van 9 µm en voert één lichtpad. OM4 multimode heeft een kern van 50 µm en voert er meerdere tegelijk. Die meerdere paden leggen elk een iets andere weg af, waardoor de puls over afstand uitloopt. Dat is precies wat het bereik van multimode begrenst.
In meters: OM4 haalt 150 m bij 40GBASE-SR4 en 100 m bij 100GBASE-SR4. 40GBASE-SR4 en 100GBASE-SR4 zijn Ethernetstandaarden voor 40 en 100 Gbit/s over multimode. SR staat voor short reach, de 4 voor vier vezels die tegelijk zenden en vier die ontvangen. OS2 zit niet tegen zo’n grens aan; daar bepalen de transceivers en het optisch budget hoe ver u komt, en dat loopt tot kilometers. Zodra een link het gebouw uit gaat of langer wordt dan een zaal, is singlemode de logische keuze.
Waarom multimode dan bestaat, zit in de optiek aan de uiteinden. Binnen één zaal of één technische ruimte, met links onder de honderd meter, zijn multimode-transceivers goedkoper dan singlemode. Bij een handvol verbindingen valt dat weg tegen de kabel- en lasprijs; bij honderden verbindingen in een datacenter telt het op.
Ons assortiment laat zien hoe dat uitpakt. Vier van de vijf glasvezeltypes zijn OS2 singlemode, 9/125 µm volgens G.652.D: loose tube voor mantelbuis en kabelgoot, een gewapende uitvoering voor direct in de grond en tegen knaagdieren, een universele binnen-buitenkabel en ADSS voor bovengrondse tracés. De tight-buffered binnenkabel is er in OS2 én OM4. Buiten het datacenter is singlemode de standaard geworden, en dat ziet u aan de lijst.
Meng de twee niet in één tracé. Een singlemode-transceiver op een multimode-vezel geeft geen betrouwbare verbinding, en een las tussen een kern van 9 µm en een van 50 µm is geen las. Leg de keuze dus vast voordat er getrokken en gelast wordt, en houd die aan tot in de patchkast.
Voor de inkoper: noem bij de aanvraag het vezeltype, het aantal vezels, de constructie (loose tube, tight-buffered, gewapend of ADSS) en of de kabel het gebouw binnenkomt. Dat laatste bepaalt of er een CPR-klasse nodig is: onze loose-tube-buitenkabels met PE-mantel hebben er geen, en voor een binnentracé met een CPR-eis neemt u de LSZH-uitvoering.
Weet u de afstand wel, maar de optiek nog niet? Stuur de linklengte, de snelheid en of de kabel het gebouw in komt. Wij zeggen of het OS2 of OM4 wordt en of er een CPR-klasse bij nodig is.